Alcoholcontrole met pylonen bij nacht

Rijden onder invloed: welke grenzen gelden en welke straf kunt u verwachten?

Door mr. Tom Meevis, advocaat strafrecht bij Law & More · Gepubliceerd en inhoudelijk gecontroleerd: 4 november 2026

U rijdt onder invloed als uw adem meer dan 220 microgram alcohol per liter bevat of uw bloed meer dan 0,5 promille (artikel 8 lid 2 WVW 1994). Voor beginnende bestuurders en voor wie rijdt zonder ooit een rijbewijs te hebben gehad, ligt de grens lager: 88 microgram per liter of 0,2 promille (artikel 8 lid 3 en 4 WVW 1994).

Welke straf volgt, hangt vooral af van de hoogte van de meting en van eerdere zaken in de vijf jaar daarvoor. Hieronder leest u welke straf het Openbaar Ministerie (OM) volgens zijn richtlijn eist, wanneer u een strafbeschikking krijgt en wanneer de rechter beslist. Ook leggen wij uit wanneer uw rijbewijs wordt ingevorderd en wat het CBR daarnaast kan doen.

Wat verbiedt artikel 8 WVW 1994 precies?

Artikel 8 WVW 1994 verbiedt het besturen van een voertuig onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen. De wet werkt daarbij met vaste grenzen voor alcohol en voor een aantal drugs, en met een algemene norm voor andere stoffen.

  • Artikel 8 lid 1: u mag niet rijden onder invloed van een stof waarvan u weet of redelijkerwijs moet weten dat die uw rijvaardigheid kan verminderen. Dit geldt ook voor medicijnen.
  • Artikel 8 lid 2: de alcoholgrens van 220 µg/l adem of 0,5 promille bloed voor ervaren bestuurders.
  • Artikel 8 lid 3 en 4: de lagere grens van 88 µg/l of 0,2 promille voor beginnende bestuurders en voor wie zonder rijbewijs een motorrijtuig bestuurt.
  • Artikel 8 lid 5: vaste grenswaarden voor drugs zoals cannabis, cocaïne en amfetamine, sinds 1 juli 2017.

Het verbod geldt voor elk voertuig, dus ook voor de fiets. Voor fietsers is de straf volgens de OM-richtlijn een geldboete van € 200 bij een eerste overtreding, zonder rijontzegging. De volledige wettekst vindt u op wetten.overheid.nl.

Wie geldt als beginnend bestuurder?

U bent beginnend bestuurder in de eerste vijf jaar nadat u voor het eerst een rijbewijs kreeg. Haalde u uw eerste rijbewijs AM (bromfiets) of T (trekker) vóór uw achttiende, dan duurt die periode zeven jaar (artikel 8 lid 3 WVW 1994).

Voor een rijbewijs B dat u vóór uw achttiende via 2toDrive haalde, bevat hetzelfde artikellid een aparte regel. In ons artikel over beginnende bestuurders en alcohol werken wij de termijnen en gevolgen verder uit.

Welke straf eist het OM bij rijden onder invloed?

Het OM werkt met vaste strafmaten uit de Richtlijn voor strafvordering rijden onder invloed van alcohol en/of drugs en rijden tijdens een rijverbod (2019R013). Die richtlijn geldt sinds 1 januari 2020 en is in november 2026 nog van kracht.

De richtlijn deelt metingen in schalen in. Aan elke schaal hangt een geldboete en vanaf een bepaald niveau een onvoorwaardelijke rijontzegging. Voor een ervaren autobestuurder zonder eerdere zaken gelden onder meer deze uitgangspunten:

Ademalcohol (µg/l) Bloedalcohol (promille) Uitgangspunt OM bij eerste overtreding
235 – 350 0,54 – 0,80 geldboete € 300
355 – 435 0,81 – 1,00 geldboete € 425
440 – 500 1,01 – 1,15 geldboete € 550
505 – 570 1,16 – 1,30 geldboete € 650
575 – 650 1,31 – 1,50 geldboete € 650 en 4 maanden ontzegging
655 – 715 1,51 – 1,65 geldboete € 750 en 6 maanden ontzegging
790 – 865 1,81 – 2,00 geldboete € 950 en 8 maanden ontzegging
1.025 – 1.090 2,36 – 2,50 60 uur taakstraf en 12 maanden ontzegging
vanaf 1.500 vanaf 3,46 100 uur taakstraf en 22 maanden ontzegging

De tabel is een selectie uit zestien schalen. Voor beginnende bestuurders begint de tabel al bij 95 µg/l (0,22 promille) met een geldboete van € 300. Vanaf 355 µg/l (0,81 promille) komt er bij hen al een onvoorwaardelijke ontzegging van twee maanden bij.

Deze bedragen zijn uitgangspunten. De officier van justitie en de rechter kunnen afwijken op grond van de omstandigheden.

Wat betekent recidive voor de straf?

Bent u in de vijf jaar vóór het nieuwe feit al voor rijden onder invloed afgedaan, dan past het OM zwaardere kolommen van de richtlijn toe. Bij meermalen recidive wordt de zaak in de regel aan de rechter voorgelegd.

Ook zonder eerdere zaken kan de straf hoger uitvallen. Volgens de richtlijn geldt de recidivekolom bij gevaarlijk rijgedrag en bij betrokkenheid bij een ongeval met meer dan geringe schade of letsel; in dat laatste geval wordt gedagvaard.

Daarnaast kent artikel 123b WVW 1994 een recidiveregeling. Wordt u binnen vijf jaar twee keer onherroepelijk afgedaan voor rijden onder invloed of voor weigeren van het alcoholonderzoek, en lag de tweede meting boven 570 µg/l (1,3 promille), dan wordt uw rijbewijs van rechtswege ongeldig. U moet dan opnieuw examen doen.

De Tweede Kamer nam op 27 oktober 2026 het wetsvoorstel Verbetering aanpak rijden onder invloed (36586) aan. Dat voorstel schrapt artikel 123b en geeft de rechter onder meer de mogelijkheid het rijbewijs ongeldig te verklaren. Het voorstel ligt bij de Eerste Kamer; tot de inwerkingtreding blijft de huidige regeling gelden.

Krijgt u een strafbeschikking of moet u naar de zitting?

Bij lagere promillages en een eerste overtreding handelt het OM de zaak meestal af met een OM-strafbeschikking. Bij hogere promillages, recidive of een ongeval volgt een zitting bij de officier van justitie of een dagvaarding voor de politierechter.

Een strafbeschikking kan een rijontzegging van maximaal zes maanden bevatten. Is een langere ontzegging aan de orde, dan beslist de rechter. Bent u het niet eens met een strafbeschikking, dan kunt u binnen 14 dagen na ontvangst schriftelijk verzet doen. De strafrechter behandelt de zaak dan opnieuw. Meer hierover leest u in ons artikel over de strafbeschikking in het verkeer.

Het wettelijk maximum ligt ruim boven de richtlijn. Sinds 1 januari 2020 is dat een gevangenisstraf van een jaar of een geldboete van de vierde categorie. De rechter kan daarnaast een ontzegging van maximaal vijf jaar opleggen, en bij herhaling maximaal tien jaar.

Wanneer neemt de politie uw rijbewijs direct in?

De politie vordert uw rijbewijs in als uw ademalcohol hoger is dan 570 µg/l (1,3 promille). Voor beginnende bestuurders ligt die grens bij 350 µg/l (0,8 promille), volgens artikel 164 WVW 1994 en de OM-instructie invordering van rijbewijzen (2022I004).

De officier van justitie beslist binnen tien dagen of uw rijbewijs wordt ingehouden of teruggegeven. Bij een misdrijf zoals rijden onder invloed moet de zitting binnen zes maanden beginnen, anders krijgt u het rijbewijs terug. Hoe dit verder verloopt, leest u in ons artikel over een ingevorderd rijbewijs.

Welke maatregelen kan het CBR opleggen?

Naast de strafzaak meldt de politie de zaak aan het CBR, dat op grond van artikel 130 WVW 1994 een eigen maatregel kan opleggen. Die maatregel staat los van de straf en komt er dus bovenop.

  • Lichte educatieve maatregel alcohol en verkeer (LEMA): vanaf 0,8 promille (350 µg/l) bij ervaren bestuurders en vanaf 0,5 promille (220 µg/l) bij beginnende bestuurders.
  • Educatieve maatregel alcohol en verkeer (EMA): vanaf 1,0 promille (435 µg/l) bij ervaren bestuurders en vanaf 0,8 promille (350 µg/l) bij beginnende bestuurders. De EMA kost volgens de Regeling tarieven CBR 2026 in totaal € 1.197.
  • Onderzoek naar de geschiktheid: vanaf 1,8 promille (785 µg/l) bij ervaren bestuurders en vanaf 1,3 promille (570 µg/l) bij beginnende bestuurders.

Het CBR kan ook een EMA opleggen als u binnen vijf jaar twee keer bent aangehouden, of als u de ademanalyse weigerde. Volgt of betaalt u een opgelegde maatregel niet, dan wordt uw rijbewijs ongeldig. Een overzicht van alle sancties vindt u bij straffen en maatregelen in het verkeersstrafrecht.

Wat kunnen wij voor u doen bij rijden onder invloed?

Wij beoordelen de meting, de procedure en de toepassing van de richtlijn. Wij kunnen:

  • het proces-verbaal en de ademanalyse controleren, onder meer op de wachttijd van twintig minuten en de geldigheid van de metingen;
  • nagaan of het OM de juiste schaal en de juiste recidivekolom heeft gekozen;
  • namens u verzet doen tegen een strafbeschikking;
  • u bijstaan bij een OM-zitting of voor de politierechter;
  • de rechtbank verzoeken om teruggave van uw ingehouden rijbewijs;
  • u adviseren over de samenloop van de strafzaak met een CBR-maatregel.

Samenvatting

  • De grens is 220 µg/l of 0,5 promille; voor beginnende bestuurders 88 µg/l of 0,2 promille (artikel 8 WVW 1994).
  • Het OM eist straf volgens richtlijn 2019R013: van € 300 boete tot taakstraf en een ontzegging van bijna twee jaar.
  • Een strafbeschikking kan een ontzegging tot zes maanden bevatten; verzet kan binnen 14 dagen.
  • Boven 1,3 promille (beginners 0,8) wordt uw rijbewijs ingevorderd.
  • Het CBR kan los van de straf een LEMA, EMA of onderzoek naar de geschiktheid opleggen.

Veelgestelde vragen

Vanaf welke meting begint de OM-tabel?

De wet verbiedt een gehalte dat hoger is dan 220 µg/l of 0,5 promille. De strafmaattabel van het OM begint voor ervaren bestuurders bij 235 µg/l (0,54 promille) en voor beginnende bestuurders bij 95 µg/l (0,22 promille).

Telt een eerdere strafbeschikking mee als recidive?

Ja, de richtlijn kijkt naar eerdere afdoeningen in de vijf jaar vóór het nieuwe feit, en daar valt een strafbeschikking onder. Ook de recidiveregeling van artikel 123b WVW 1994 spreekt van onherroepelijke afdoeningen, niet alleen van vonnissen.

Krijg ik altijd een CBR-maatregel?

Nee. Een ervaren bestuurder krijgt bij een eerste aanhouding pas een maatregel vanaf 0,8 promille; een beginnend bestuurder vanaf 0,5 promille. Bij herhaling binnen vijf jaar of bij weigering kan het CBR ook bij lagere waarden een cursus opleggen.

Vragen over uw zaak?

Mail ons in een paar zinnen waar uw vraag over gaat, via info@lawandmore.nl. Wij laten u weten of wij u kunnen helpen en wat de volgende stap is.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Deel met

Begin met typen en druk op Enter om te zoeken

Verkeer.site