Taakstraf in verkeerszaken: hoeveel uur, hoe werkt de uitvoering en wanneer mag het niet?
Een taakstraf is onbetaald werk dat u als straf uitvoert, en in verkeerszaken kan de rechter die opleggen tot maximaal 240 uur. De officier van justitie kan via een strafbeschikking maximaal 180 uur opleggen, en bij bepaalde ernstige feiten of herhaling verbiedt de wet een taakstraf zonder daarnaast een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf.
In dit artikel leest u hoe de taakstraf werkt in verkeerszaken, hoe die wordt gecombineerd met een rijontzegging, hoe de uitvoering verloopt en wat er gebeurt als u de uren niet maakt.
Wat is een taakstraf precies?
Een taakstraf bestaat volgens artikel 22c lid 1 van het Wetboek van Strafrecht (Sr) uit het verrichten van onbetaalde arbeid. Het vonnis of de strafbeschikking vermeldt het aantal uren.
In de volksmond heet dit een werkstraf. Het is een hoofdstraf, net als een gevangenisstraf of een geldboete. Volgens artikel 22c lid 2 Sr duurt een taakstraf ten hoogste 240 uur. De rechter kan een taakstraf ook geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk opleggen (artikel 14a Sr), met een proeftijd.
Wie kan een taakstraf opleggen in een verkeerszaak?
De strafrechter kan een taakstraf tot 240 uur opleggen. De officier van justitie kan dat ook, maar dan via een strafbeschikking en tot maximaal 180 uur (artikel 257a lid 2 Sv).
Voordat de officier een taakstraf in een strafbeschikking oplegt, moet hij u volgens artikel 257c lid 1 Sv eerst horen. U wordt dan gewezen op de mogelijkheid om een advocaat te krijgen. Hoe een strafbeschikking werkt en hoe u verzet doet, leest u in ons artikel over de strafbeschikking in verkeerszaken.
In verkeerszaken komt een taakstraf vooral voor bij misdrijven. Denk aan rijden onder invloed met een hoog promillage (artikel 8 WVW 1994), rijden tijdens een rijontzegging (artikel 9 WVW 1994), zeer gevaarlijk rijgedrag (artikel 5a WVW 1994) of een ongeval met letsel (artikel 6 WVW 1994).
Kan een taakstraf samengaan met een rijontzegging?
Ja. Een rijontzegging is een bijkomende straf en kan naast een taakstraf worden opgelegd. In verkeerszaken is die combinatie gebruikelijk.
De officier van justitie kan in een strafbeschikking een taakstraf combineren met een rijontzegging van maximaal zes maanden (artikel 257a lid 2 Sv). De rechter kan een langere rijontzegging opleggen. Ook een geldboete of een voorwaardelijke gevangenisstraf kan aan de combinatie worden toegevoegd. Een overzicht van de mogelijke straffen vindt u op onze pagina over straffen en maatregelen in het verkeersstrafrecht.
Een rijontzegging kan de uitvoering van de taakstraf lastiger maken als u met de auto naar het project zou gaan. Bespreek dat vooraf met de reclassering, zodat het project bereikbaar is.
Hoe wordt een taakstraf uitgevoerd?
De reclassering voert de taakstraf uit en het CJIB coördineert de uitvoering. U krijgt eerst een brief van het CJIB met een uitnodiging voor een intakegesprek.
Volgens Reclassering Nederland bespreekt de reclassering in de intake uw situatie, zoals werk, studie en lichamelijke klachten. U mag wensen aangeven, maar de reclassering bepaalt waar en wanneer u werkt. De afspraken worden vastgelegd in een contract.
Het werk vindt plaats op doordeweekse dagen, in een groepsproject of bij een externe organisatie zoals een kringloopwinkel of ziekenhuiskeuken. Werken in het weekend is soms mogelijk, maar alleen na overleg met de reclassering.
Wat als u ziek bent of niet kunt komen?
Afwezigheid meldt u telefonisch, zowel bij het project als bij de reclassering. De reclassering kan de reden van de afwezigheid controleren.
Te laat komen of een afwezigheid niet melden leidt tot een officiële waarschuwing. Gebeurt het opnieuw, dan stopt de reclassering de werkstraf en wordt die teruggemeld.
Wat gebeurt er als u de taakstraf niet uitvoert?
Voert u de taakstraf niet of niet goed uit, dan kan die worden omgezet in vervangende hechtenis. Volgens artikel 22d Sr beveelt de rechter bij het opleggen van een taakstraf al hoeveel vervangende hechtenis geldt.
Voor elke twee uur taakstraf staat maximaal één dag vervangende hechtenis. De vervangende hechtenis bedraagt ten minste één dag en ten hoogste vier maanden (artikel 22d lid 3 Sr). Bij een taakstraf van 120 uur is dat dus hooguit 60 dagen.
De omzetting gebeurt op bevel van het OM. U krijgt daarover een brief, de kennisgeving omzetting. Volgens het CJIB kunt u binnen twee weken na ontvangst van die brief bezwaar maken bij de strafgriffie van de rechtbank die in de brief staat. In dat bezwaar legt u uit waarom de omzetting volgens u niet terecht is, bijvoorbeeld omdat u door ziekte niet kon komen.
Wanneer mag de rechter geen taakstraf opleggen?
Artikel 22b Sr bevat een taakstrafverbod. In de gevallen die daarin staan, mag een taakstraf alleen worden opgelegd als daarnaast een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel wordt opgelegd (artikel 22b lid 3 Sr).
Ernstige feiten met letsel of de dood
Volgens artikel 22b lid 1 onder a Sr geldt het verbod bij een misdrijf waarop zes jaar gevangenisstraf of meer staat en dat een ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer tot gevolg had.
Voor verkeersongevallen is artikel 175 WVW 1994 van belang. Een ongeval door gewone schuld met dodelijke afloop heeft een strafmaximum van drie jaar. Bij roekeloosheid met dodelijke afloop is dat zes jaar (artikel 175 lid 2 WVW 1994). De maxima kunnen met de helft worden verhoogd als de bestuurder bijvoorbeeld onder invloed was (artikel 175 lid 3 WVW 1994).
Daardoor valt lang niet elk ernstig verkeersongeval onder het taakstrafverbod. Het hangt af van de mate van schuld, de verzwarende omstandigheden en de ernst van het letsel. Meer over aanrijdingen met letsel leest u in ons artikel over artikel 6 WVW.
Herhaling binnen vijf jaar
Volgens artikel 22b lid 2 Sr geldt het verbod ook als u in de vijf jaar vóór het nieuwe feit al een taakstraf kreeg voor een soortgelijk misdrijf. Dat geldt als u die taakstraf heeft uitgevoerd of als de vervangende hechtenis is bevolen.
Dit kan in verkeerszaken spelen bij herhaald rijden onder invloed of herhaald rijden tijdens een ontzegging. Wat als soortgelijk geldt, beoordeelt de rechter in de concrete zaak.
Wat kunnen wij voor u doen bij een taakstraf?
- Wij beoordelen of een taakstraf in uw zaak wettelijk mogelijk is, gelet op artikel 22b Sr.
- Wij bereiden met u de OM-hoorzitting of de zitting bij de rechter voor.
- Wij brengen uw persoonlijke omstandigheden, zoals werk en gezin, onder de aandacht bij de strafmaat.
- Wij bekijken of een (gedeeltelijk) voorwaardelijke taakstraf of een andere combinatie bespreekbaar is.
- Wij dienen namens u bezwaar in tegen een omzetting in vervangende hechtenis.
Samenvatting
- Een taakstraf is onbetaald werk van maximaal 240 uur bij de rechter (artikel 22c Sr) en maximaal 180 uur bij een strafbeschikking.
- Een taakstraf kan worden gecombineerd met een rijontzegging en een geldboete.
- De reclassering voert de taakstraf uit; het CJIB coördineert.
- Niet uitvoeren kan leiden tot vervangende hechtenis: één dag per twee uur (artikel 22d Sr).
- Bij bepaalde ernstige feiten en herhaling geldt een taakstrafverbod (artikel 22b Sr).
Veelgestelde vragen over de taakstraf in verkeerszaken
Mag ik tijdens mijn werkstraf blijven werken?
In de intake houdt de reclassering rekening met uw werk en studie. De reclassering bepaalt wel uiteindelijk waar en wanneer u de uren maakt.
Komt een taakstraf op mijn strafblad?
Ja. Een taakstraf wordt opgelegd voor een strafbaar feit en wordt geregistreerd in de justitiële documentatie. Dat geldt ook voor een taakstraf in een strafbeschikking.
Kan ik bezwaar maken tegen de omzetting in hechtenis?
Ja. Volgens het CJIB maakt u binnen twee weken na ontvangst van de kennisgeving omzetting bezwaar bij de rechtbank die in de brief staat. Doe dat schriftelijk en leg uit waarom u het niet eens bent met de omzetting.
Vragen over uw zaak?
Mail ons in een paar zinnen waar uw vraag over gaat, via info@lawandmore.nl. Wij laten u weten of wij u kunnen helpen en wat de volgende stap is.
Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

