Autosleutel op tafel met geparkeerde auto buiten

Rijontzegging: wanneer krijgt u er een en hoe lang duurt die?

Door mr. Tom Meevis, advocaat strafrecht bij Law & More · Gepubliceerd en inhoudelijk gecontroleerd: 4 november 2026

Een rijontzegging is een straf waarbij de strafrechter u voor een bepaalde tijd verbiedt motorrijtuigen te besturen; volgens artikel 179 WVW 1994 kan die ontzegging tot vijf jaar duren, en bij herhaling tot tien jaar. De officier van justitie kan zelf ook een ontzegging opleggen in een strafbeschikking, maar dan voor ten hoogste zes maanden.

Hieronder leggen wij uit wie de ontzegging oplegt, hoe lang die kan duren, wat het verschil is tussen voorwaardelijk en onvoorwaardelijk en wat er gebeurt als u toch rijdt. Ook bespreken wij hoe de ontzegging zich verhoudt tot maatregelen van het CBR.

Wat is een rijontzegging precies?

Een rijontzegging, in de wet “ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen”, is een bijkomende straf die naast bijvoorbeeld een boete of taakstraf wordt opgelegd. U behoudt uw rijbewijs als document, maar u mag gedurende de ontzegging geen motorrijtuig besturen.

Het verbod geldt voor alle motorrijtuigen, dus ook voor een scooter of bromfiets. Dat volgt uit de ruime omschrijving van “motorrijtuig” in artikel 1 WVW 1994. Fietsen en lopen mag wel.

Een ontzegging is iets anders dan een ongeldigverklaring door het CBR. De ontzegging is een straf van de rechter of het Openbaar Ministerie (OM). De ongeldigverklaring is een bestuursrechtelijke maatregel die zegt dat u (nog) niet rijvaardig of geschikt bent. Meer daarover leest u in ons artikel over ongeldigverklaring van het rijbewijs door het CBR.

Voor welke feiten kunt u een rijontzegging krijgen?

Artikel 179 lid 1 WVW 1994 noemt de ernstigste verkeersdelicten, zoals rijden onder invloed (artikel 8), een ongeval veroorzaken (artikel 6), doorrijden na een ongeval (artikel 7 lid 1) en rijden terwijl dat verboden is (artikel 9). Voor die feiten is de maximale ontzegging vijf jaar.

Voor een tweede groep feiten, genoemd in artikel 179 lid 2 WVW 1994, is de maximale ontzegging twee jaar. Daaronder valt onder meer artikel 5 WVW 1994: gevaar of hinder veroorzaken op de weg. Ook bij bepaalde delicten uit het Wetboek van Strafrecht die met een auto zijn gepleegd, zoals doodslag of zware mishandeling, kan volgens artikel 179a WVW 1994 een ontzegging volgen (tot tien of vijf jaar).

In de praktijk volgt een ontzegging vooral bij hoge alcoholpromillages, ernstige snelheidsovertredingen, ongevallen met letsel en gevaarlijk rijgedrag. De OM-richtlijnen geven per delict aan wanneer het OM een ontzegging eist en hoe lang. Een overzicht van de mogelijke sancties vindt u bij straffen en maatregelen in het verkeersstrafrecht.

Hoe lang kan een rijontzegging duren?

De wettelijke maxima liggen in artikel 179 WVW 1994: vijf jaar voor de feiten uit lid 1 en twee jaar voor de feiten uit lid 2. Bij herhaling binnen een bepaalde periode gelden hogere maxima.

Situatie Maximale ontzegging Grondslag
Ernstige feiten, zoals artikel 6, 7 lid 1, 8 en 9 WVW 5 jaar art. 179 lid 1 WVW 1994
Overige genoemde feiten, zoals artikel 5 WVW 2 jaar art. 179 lid 2 WVW 1994
Herhaling van een lid 1-feit binnen 5 jaar na een eerdere onherroepelijke ontzegging 10 jaar art. 179 lid 4 WVW 1994
Herhaling van een lid 2-feit binnen 2 jaar 4 jaar art. 179 lid 5 WVW 1994
Ontzegging in een OM-strafbeschikking 6 maanden art. 257a lid 2 onder e Sv

De tijd dat uw rijbewijs al was ingevorderd of ingehouden, gaat er volgens artikel 179 lid 6 WVW 1994 af. Was uw rijbewijs bijvoorbeeld drie maanden ingehouden en legt de rechter zes maanden onvoorwaardelijk op, dan resteren er drie maanden. Lees meer in ons artikel over een ingevorderd rijbewijs.

Wat is het verschil tussen een voorwaardelijke en een onvoorwaardelijke ontzegging?

Bij een onvoorwaardelijke ontzegging mag u echt niet rijden zodra de straf wordt uitgevoerd. Bij een voorwaardelijke ontzegging mag u blijven rijden, zolang u zich tijdens een proeftijd aan de gestelde voorwaarden houdt.

De rechter kan op grond van artikel 14a Sr een straf geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk opleggen. Een veelvoorkomende combinatie is een deel onvoorwaardelijk en een deel voorwaardelijk, bijvoorbeeld zes maanden waarvan drie voorwaardelijk. Pleegt u in de proeftijd opnieuw een strafbaar feit, dan kan de rechter het voorwaardelijke deel alsnog laten uitvoeren.

Wie legt de rijontzegging op: de rechter of het OM?

De strafrechter kan elke ontzegging tot het wettelijk maximum opleggen. De officier van justitie kan alleen een ontzegging van ten hoogste zes maanden opleggen, via een strafbeschikking op grond van artikel 257a lid 2 onder e Sv.

Voordat het OM een strafbeschikking met een ontzegging uitvaardigt, moet de officier van justitie u horen. De Aanwijzing OM-strafbeschikking zegt dat van dit horen niet kan worden afgezien, ook niet met uw instemming. U mag zich daarbij laten bijstaan door een advocaat.

Bent u het niet eens met de strafbeschikking, dan kunt u volgens artikel 257e Sv binnen veertien dagen verzet doen. De zaak komt dan bij de strafrechter. Daar kan de uitkomst gunstiger, maar ook ongunstiger zijn. Meer over deze route leest u in ons artikel over de strafbeschikking in verkeerszaken.

Wanneer gaat de rijontzegging in?

Onder de huidige wet wordt een ontzegging pas uitgevoerd als de uitspraak of strafbeschikking onherroepelijk is. Gaat u in hoger beroep, dan schuift de uitvoering dus op.

Dat kan veranderen. Het wetsvoorstel Wet verbetering aanpak rijden onder invloed (Kamerstukken 36586) maakt het onder meer mogelijk dat de rechter een ontzegging dadelijk uitvoerbaar verklaart. De Tweede Kamer nam dit voorstel op 27 oktober 2026 aan; de behandeling in de Eerste Kamer loopt nog en een datum van inwerkingtreding is er nog niet.

Wat gebeurt er als u rijdt tijdens een rijontzegging?

Rijden tijdens een ontzegging is verboden volgens artikel 9 lid 1 WVW 1994, als u weet of redelijkerwijs moet weten dat de ontzegging geldt. Dit is een misdrijf met een maximumstraf van drie maanden gevangenisstraf of een geldboete van de derde categorie (artikel 176 WVW 1994).

Het OM ziet rijden tijdens een ontzegging als een ernstig verkeersmisdrijf. Bovendien kunt u daarvoor zelf opnieuw een ontzegging krijgen, want artikel 9 staat in de lijst van artikel 179 lid 1 WVW 1994. Ook het rijden terwijl uw rijbewijs is ingevorderd of door het CBR ongeldig is verklaard, valt onder artikel 9 WVW 1994. Wie geen geldig rijbewijs heeft, leest meer in ons artikel over rijden zonder rijbewijs.

Hoe verhoudt een rijontzegging zich tot CBR-maatregelen?

Strafrecht en bestuursrecht lopen naast elkaar. Na een ernstig feit meldt de politie u volgens artikel 130 WVW 1994 vaak ook bij het CBR, dat los van de strafzaak een cursus of onderzoek kan opleggen.

U kunt dus een ontzegging van de rechter krijgen en daarnaast een educatieve maatregel of een onderzoek naar de geschiktheid van het CBR. Werkt u aan zo’n maatregel niet mee, dan verklaart het CBR uw rijbewijs ongeldig op grond van artikel 132 WVW 1994. Na afloop van een ontzegging kunt u dus pas weer rijden als ook de CBR-kant in orde is.

Daarnaast kent de wet een recidiveregeling voor alcohol in artikel 123b WVW 1994. Wordt u binnen vijf jaar twee keer onherroepelijk veroordeeld voor rijden onder invloed, met bij de tweede keer meer dan 1,3 promille, dan wordt uw rijbewijs van rechtswege ongeldig. U moet dan opnieuw rijexamen doen.

Wat kunnen wij voor u doen bij een rijontzegging?

  • Wij beoordelen of de ontzegging die het OM voorstelt of eist past bij de feiten en de OM-richtlijn.
  • Wij bereiden u voor op het hoorgesprek bij de officier van justitie en staan u daarbij bij.
  • Wij beoordelen of verzet tegen een strafbeschikking zinvol is en stellen het verzet op.
  • Wij bepleiten bij de rechter een voorwaardelijke of kortere ontzegging, met uw persoonlijke omstandigheden zoals werk en mantelzorg.
  • Wij rekenen na of de periode van invordering en inhouding correct wordt afgetrokken.
  • Wij stemmen de strafzaak af op een lopende CBR-procedure.

Samenvatting

  • Een rijontzegging is een straf; de maxima staan in artikel 179 WVW 1994 (meestal vijf of twee jaar, bij herhaling tien of vier jaar).
  • Het OM mag in een strafbeschikking maximaal zes maanden ontzegging opleggen (artikel 257a Sv); de rechter mag meer.
  • Tijd waarin uw rijbewijs was ingevorderd of ingehouden, gaat van de ontzegging af.
  • Rijden tijdens een ontzegging is een misdrijf (artikel 9 lid 1 WVW 1994).
  • CBR-maatregelen staan los van de ontzegging en kunnen daarnaast gelden.

Veelgestelde vragen over de rijontzegging

Mag ik tijdens een rijontzegging op een scooter of brommer rijden?

Nee. De ontzegging geldt voor alle motorrijtuigen, en een bromfiets of snorfiets is een motorrijtuig in de zin van artikel 1 WVW 1994.

Kan ik een rijontzegging krijgen voor een boete via het CJIB?

Niet bij een gewone verkeersboete onder de Wet Mulder, zoals voor bellen achter het stuur. Een ontzegging volgt alleen via een strafbeschikking van het OM of een uitspraak van de strafrechter.

Telt een strafbeschikking mee voor de herhalingsregels?

Ja. Volgens artikel 179 lid 9 WVW 1994 wordt een strafbeschikking voor dit artikel gelijkgesteld aan een veroordeling.

Geldt een Nederlandse rijontzegging ook als ik een buitenlands rijbewijs heb?

De ontzegging verbiedt u in Nederland een motorrijtuig te besturen, ongeacht welk rijbewijs u heeft. Voor de aftrek van de invorderingsperiode telt volgens artikel 179 lid 8 WVW 1994 ook een buitenlands rijbewijs mee als u in Nederland woont.

Vragen over uw zaak?

Mail ons in een paar zinnen waar uw vraag over gaat, via info@lawandmore.nl. Wij laten u weten of wij u kunnen helpen en wat de volgende stap is.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Deel met

Begin met typen en druk op Enter om te zoeken

Verkeer.site